06-06-08

Blind Willie McTell


Een onuitgebracht meesterwerk
"Ik breek geen regels," vertelde Bob Dylan in 1966 tegen de journalist Robert
Shelton, "want ik zie geen regels die gebroken moeten worden. Wat mij betreft zijn er geen regels."
Misschien dat hij daarom zo groot geworden is, door louter af te gaan op zijn eigen instincten. Mensen die met hem samengewerkt hebben kunnen er over meepraten. "Zeg nooit tegen Dylan dat je iets prachtig vindt," zuchtte Daniel Lanois ooit, "want dan brengt hij het zeker niet uit."
 
Dat moest ook Mark Knopfler ervaren. Als producer van Dylan's LP Infidels had hij een geheel andere plaat in gedachten. Maar de zanger vond het nodig om enkele van de beste nummers die hij in de lente van 1983 had opgenomen op te bergen in de archieven. Eentje daarvan is het prachtige 'Blind Willie McTell'. Misschien wel het mooiste nummer dat de man uit Minnesota ooit heeft geschreven.
Tijdens de sessies voor Infidels nam Bob Dylan twee versies van de song op.
De eerste, een elektrische versie tijdens de eerste sessie, op 11 april 1983 en op 5 mei, tijdens een extra, allerlaatste sessie een sobere akoestische versie. Enkel Dylan op piano en Knopfler op 12 snarige gitaar. Prachtig.
Maar Dylan besloot dat het nummer de kluis in moest.
"Het was nooit helemaal klaar. Ik heb het nooit afgewerkt. Anders was het niet van de plaat af gelaten. Je kunt het vergelijken met een schilderij pikken van Monet of Picasso - zijn huis binnengaan, daar een halfafgewerkt schilderij zien staan en dat dan verkopen aan mensen die 'Picasso fans' zijn."
Pas acht jaar na de opnamen gaf hij toestemming om het nummer uit te brengen. Dat gebeurde op The Bootleg Series 1961 -1991. Het sloeg onmiddellijk zo aan dat het sindsdien op elke compilatie prijkt.

 
Blind Willie McTell
Seen the arrow on the doorpost
Saying, "This land is condemned
All the way from New Orleans
To Jerusalem."
I traveled through East Texas
Where many martyrs fell
And I know no one can sing the blues
Like Blind Willie McTell
Well, I heard the hoot owl singing
As they were taking down the tents
The stars above the barren trees
Were his only audience
Them charcoal gypsy maidens
Can strut their feathers well
But nobody can sing the blues
Like Blind Willie McTell
See them big plantations burning
Hear the cracking of the whips
Smell that sweet magnolia blooming
(And) see the ghosts of slavery ships
I can hear them tribes a-moaning
(I can) hear the undertaker's bell
(Yeah), nobody can sing the blues
Like Blind Willie McTell
There's a woman by the river
With some fine young handsome man
He's dressed up like a squire
Bootlegged whiskey in his hand
There's a chain gang on the highway
I can hear them rebels yell
And I know no one can sing the blues
Like Blind Willie McTell
Well, God is in heaven
And we all want what's his
But power and greed and corruptible seed
Seem to be all that there is
I'm gazing out the window
Of the St. James Hotel
And I know no one can sing the blues
Like Blind Willie McTell

In het kort
De verteller staat voor een raam van het St. James Hotel in New Orleans. Zijn zintuigen worden geprikkeld door de  omgeving: geurende magnoliabloesems, een uil in een boom, klokkengelui. De sfeer van de mythische South. Zijn gedachten dwalen af naar het bloedige verleden: de schepen die slaven aanvoeren, de gevangen die dwangarbeid verrichten, de landeigenaar... en boven al: de vergeten blueszanger, die we zo zeer missen.
Want de wereld gaat naar de knoppen aan macht, hebzucht en corruptie. En niemand kan ons nog troost bieden.

Kenners aan het woord
De Engelse folkzanger Martin Carthy is zeer onder de indruk: "[Blind Willie McTell ] gaat lijnrecht in tegen het romantisch beeld van het Zuiden. Het gaat over potentiële corruptie.
Maar bovenal heeft het een ongelofelijke emotionele impact...
Het heeft alles wat een song zou moeten hebben. Het is beknopt, mooi verwoord en heeft ook nog eens een prachtige melodie.
Ik hou vooral van de positie van de verteller in het nummer - zittend in een hotelkamer in New Orleans, laat hij zijn gedachten dwalen over de geschiedenis van het zuiden. Moord tussen de magnolia's...
Het is een... overpeinzing. Een prachtig woord voor een prachtig nummer"
Dylanoloog Tim Riley ziet het anders. "Op het eerste gezicht gaat 'Blind Willie McTell' over het landschap van de blues. En over de figuren die Dylan al op zijn debuut in 1962 eer bewees.
Maar het gaat ook over het landschap van de popmuziek en hoe een ouder wordende figuur als  Dylan zich voelt wanneer hij terugblikt over de weg die hij heeft afgelegd.
Zoals steeds sceptisch over de kwaliteit van zijn eigen stem, wou hij 'Blind Willie McTell' eerst niet uitbrengen omdat hij vond dat hij zijn voorgangers niet genoeg recht deed. De ironie is dat zijn eigen onzekerheid over optornen tegen zijn ingebeelde blues ideaal hier het onderwerp op zich werd. 'Nobody sings the blues like Blind Willie McTell' wordt een verwoording van zijn gevoel niet meer te passen binnen de hedendaagse muziekindustrie..."
Clinton Heylin ziet het nog grootser. Hij omschrijft het nummer als "een treurlied voor de wereld, gezongen door een oude bluesman in de gedaante van de evangelist Johannes."
En Paul Williams schrijft in Bob Dylan - Performing Artist 1974 - 1984:  'Blind Willie McTell' is een song over zien. Dylan ziet iets - een visioen, als je wil, over Amerika. Over de geschiedenis van de zwarte Amerikanen en het Amerikaanse Zuiden. De zanger communiceert wat hij ziet door zijn stem.
'Blind Willie McTell' gebeurt niet met de ogen maar met het hart. Het is een vorm van perceptie die horen omvat (de kreet van een uil, het gekreun van stammen, een begrafenisklok - merk hoe visueel die geluiden zijn) en zien en rieken en nog een andere bron van informatie die niet met de zintuigen wordt waargenomen maar aangevoeld wordt...
Is het niet ironisch om een lied te schrijven over "zien" en dat dan op te dragen aan een... blinde blueszanger? 
Willie McTell
Van bij zijn geboorte op 5 mei 1898 was William Samuel McTier blind in één oog. Door diabetes verloor hij  het zicht helemaal, nog tijdens zijn kindertijd. Zijn aan alcohol verslaafde vader verdween al snel uit zijn leven. Samen met zijn moeder verhuisde hij van Thompson naar Staesboro in Georgia. Hij ging er naar een school voor blinden waar hij braille leerde en muziekles kreeg. Al als tiener begon hij rond te trekken, om als straatmuzikant aan de kost te komen.
Met zijn opvallende stem en uitstekende techniek op de 12-snarige gitaar duurde het niet lang eer hij werd opgemerkt. In oktober 1927 maakte hij zijn eerste opnamen voor RCA Victor in Atlanta. Onder verschillende pseudoniemen maakte hij daarnaast ook opnamen voor andere labels. Zijn grootste successen zijn 'Broke Down Engine Blues', 'Statesboro Blues' en 'Southern Can Is Mine'. Het bekendste werd hij als Blind Willie McTell.
Vanaf 1934 trok zijn vrouw Ruth Kate Williams (beter gekend als Kate McTell) met hem rond. Ze traden samen op tot zij een vaste baan vond als verpleegster. Omwille van de recessie werd Willie gedwongen alleen te blijven rondtrekken, op zoek naar een plaats om te spelen.
Zijn stijl markeert de overgang tussen de rauwe blues van de Mississippi Delta en het meer gesofistikeerde geluid van de Oostkust. Dat viel ook John Lomax op, die hem in 1940 vastlegde voor de Congresbibliotheek.
Na de oorlog werd hij terug opgepikt door het splinternieuwe Atlantic Records. Maar de platen, uitgebracht onder het pseudoniem Barrelhouse Sammy sloegen niet aan. Bovendien werd hij geplaagd door een slechte gezondheid, zodat hij het rondtrekken moest beperken tot de streek in- en rond Atlanta.
In 1956 raakte een student op doorreis aan de praat met de eigenaar van een platenzaak in Atlanta, Ed Rhodes. Die had een plaat van Lead Belly opgelegd. De student merkte op dat als hij hield van dat soort oude negermuziek, hij eens moest gaan kijk naar een straatmuzikant die daar een beetje verder stond. Het bleek Blind Willie McTell te zijn.
Rhodes, die opname apparatuur had staan, vraagt hem of hij wat opnamen mocht maken. Met enige tegenzin gaf McTell toe. 
Niet veel later gaf hij het zingen op straat op, om predikant te worden. Hij voelde zijn einde naderen en wou God eren. Van dan af zong hij enkel nog religieuze liederen.
Op 19 augustus 1959 overleed William McTier aan een hersenbloeding. Net te vroeg om te worden herontdekt voor de folkboom van de jaren zestig.
Enkele jaren later vond Rhodes, bij het opruimen van zijn zolder een doos met oude opnamen terug. De enige band die nog in goede staat bleek die te zijn met  de sessie van McTell. Prestige/Bluesville Records bracht de opname uit onder de toepasselijke titel: Blind Willie McTell's Last Session.
'Dyin' Crapshooter's Blues'
Een van de nummers uit die laatste sessie van McTell is 'Dyin' Crapshooter's Blues'. En de melodie van dat nummer stond model voor Dylan's song over de zanger.
In het nummer zingt McTell over een stervende vriend. Die geeft hem hele waslijst aan wensen voor zijn begrafenis. Zo wil hij 16 gokkers om de lijkkist te dragen, 16 illegale whiskystokers om een lied te zingen, 22 hoertjes van hier en 29 van daar ... een paar dobbelstenen in zijn schoenen, een spel kaarten op zijn graf en dat iedereen de Charleston danst terwijl hij sterft.
De begrafenis is precies gegaan gelijk hij wou," legt McTell uit tijdens een inleiding in '56, "alleen de hoertjes uit Atlanta waren er niet. Dat was te ver."
Hij geeft ook wat uitleg over de oorsprong van de song: "Ik begon dit nummer te schrijven in '29, maar ik werkte het pas af in '32. Mister Williams heette hij - Jesse Williams. Zie je, hij werd hier neergeschoten in de Corner Street. Ik nam hem mee naar huis. Hij was drie weken ziek... en hij gaf mij zijn verzoeken. Hij zei dat hij wou dat ik dit boven zijn graf zou spelen. Dat heb ik gedaan. Zie je, ik moest van overal muziek pikken om het te doen passen. Maar, op de een of andere manier, husselde ik het door elkaar om het goed te krijgen...."
Nochtans meent John H. Cowley dat 'The Dyin' Crapshooter's Blues' in 1927 werd "geformaliseerd" door pianist-componist Porter Grainger. Er zijn trouwens verschillende opname bekend door vaudeville blues zangeressen uit deze periode.
Van 'St. James Infirmary'...
In Song & Dance Man III wijdt Michael Gray een heel hoofdstuk aan Blind Willie McTell. Zowel aan de zanger als aan de song van Bob Dylan. Daarin zet hij uiteen dat de melodie van 'Blind Willie McTell' beïnvloedt is of zelfs afgeleid is van 'St. James Infirmary'.
Want zoals McTell zelf al aangaf is 'The Dyin' Crapshooter's Blues' niet helemaal origineel. Het is een variant op een nummer dat aan het einde van de jaren twintig erg populair was: 'St. James Infirmary'. Vooral de versie van Louis Armstrong uit New Orleans betekende de grote doorbraak voor deze song. De jazz trompettist zette zijn versie in 1928 op plaat.
En in 1933 bracht Cab Calloway het nummer in een tekenfilmpje uit de Betty Boop reeks: Snow White.
 
Net als bij 'The Dyin' Crapshooter's Blues' is de kern van 'St. James Infirmary' dat iemand de begrafenis van een vriend of vriendin bezingt. En ook hier is er weer een hele waslijst aan wensen.
De populariteit van de song blijkt uit de vele varianten die er van in omloop zijn:  van de cowboysong 'Streets of Laredo' over de folkversie 'Bad Girl's Lament' tot de bluesvariant 'Those Gambler's Blues'.
Vanaf de jaren vijftig werd 'Streets of Laredo' daarvan zeker de bekendste, dankzij versies van Johnny Cash, Marty Robbins, Willie Nelson, Buck Owens, Arlo Guthrie en vele anderen. Hoewel de melodie hiervan helemaal anders blijkt de herkomst toch duidelijk uit regels als: "Get sixteen cowboys to carry my coffin, Get sixteen pretty ladies to bear up my pall..."
Betty Boop - Snow White
...via St. James Hospital...
'St. James Infirmary' zelf is dan weer terug te voeren op een oude Engelse ballad 'The Unfortunate Rake' (ook gekend als  'Unfortunate Lad' of 'The Young Man Cut Down in His Prime').
Het nummer werd voor het eerst opgetekend in 1848 in het Ierse Cork. In die ballad komt de verteller een vriend tegen op de trappen van het St. James Hospital. De soldaat heeft een geslachtsziekte opgelopen en vraagt aan de zanger om zijn begrafenis te regelen. Hij wil onder andere: "Six pretty maidens with a bunch of red roses, six pretty maidens to sing me a song ..."
Het St. James Hospital was overigens een bestaand ziekenhuis in Londen, waar Leprapatienten werden opgevangen.
Het St. James Park verwijst nog naar de plek waar het gebouw stond.

...naar St. James Hotel.
Waar McTell ronduit toegaf dat hij de song niet helemaal zelf had bedacht, geeft Dylan de goede verstaander een hint waarmee hij aangeeft, waar te gaan zoeken. "I am gazing out the window of the St. James Hotel..."
Vooral als blijkt dat er helemaal geen hotel is in New Orleans met die naam. Er staat er overigens wel een in... Minnesota, aan de Highway 61 dan nog.
Misschien is dan ook Willie McTell niet meer dan een groet aan diegene die hem de inspiratie leverde? De man is immers tegenwoordig meer gekend omwille van Dylan's song dan voor zijn eigen repertoire. Alan Lomax kloeg zelfs dat McTell geen authentieke blueszanger was, omdat hij weigerde te zingen over onderdukking. Hij zong blues songs niet omdat het de blues was, maar gewoon omdat het populaire nummers waren. Net als de rest van zijn repertoire.
Dylan had ook kunnen kiezen voor een andere blueszanger: Robert Johnson, John Lee Hooker, Muddy Waters....Maar misschien is zijn keuze  gewoon gevallen op McTell omdat diens naam zich beter leent tot rijmen: bell, well, yell, hotel...?
Time out of mind
In de tekst van 'Blind Willie McTell' tracht Dylan  de "tijd buiten de tijd" te stellen. Scènes zweven door de eeuwen heen, maar tegelijkertijd zorgt hij ervoor dat hij de luisteraar toch in het heden houdt. 
Het is een techniek die hij al enkele jaren geleden had ontdekt.
In de jaren zeventig had Dylan serieus last van schrijfangst. Tot hij in de leer ging bij een schilder (zie Blood On The Tracks). Hij paste  die technieken toe op songschrijven. Een bepaalde techniek was er op gericht om te zorgen dat er geen bepaald tijdsbesef op de song kon worden geplakt. Zodat het als het ware tijdloos werd. Maar tegelijkertijd moest hij bij het onderwerp blijven.
Zoiets wou hij ook verkrijgen bij 'Blind Willie McTell'.
Hij streeft naar een bepaalde sfeer die de "deep south" weergeeft. Het gebruik van een melodie, die vaag bekend aandoet brengt de luisteraar meteen in de juiste sfeer. Met de muziek  en woorden creëert hij daar door heen een gevoel van het andere tijden, door alledaagse beelden: de kreet van een uil, bomen zonder bladeren, zigeunermeisjes...
Zo wordt in de derde strofe de gehele geschiedenis van de Amerikaanse slavernij geschetst, door slechts enkele  beelden.

De brandende plantages zijn het apocalyptische einde van de slavernij door de Burgeroorlog. Het klappen van de zwepen, in contrast met de zoet geurende magnoliabloesems, geeft de lange periode van de slavernij zelf weer. De slavenschepen spreken voor zich. Maar de vermelding dat het slechts de spoken er van zijn, brengt de luisteraar terug naar het heden. De schepen zijn al lang verdwenen, maar de gevolgen wegen nog steeds op de Amerikaanse samenleving.
De kreunende stammen voeren ons terug het begin van de slavernij, toen gezinnen uit elkaar werden gerukt, stammen tegen elkaar werden opgezet uit winstbejag. De doodsklokken beklemtonen nog de naargeestige sfeer die over de gehele strofe hangt.
En dat alles wordt besloten met de vaststelling dat de enige die de last van het verleden kon verlichten er niet meer is: Blind Willie McTell.
De kern zit aan de buitenkant
Die centrale strofes over het mythische, maar woelige  South, worden vooraf gegaan en afgesloten met twee strofes die erg sombere mijmeringen weergeven.
"This land is condemned
All the way from New Orleans
To Jerusalem."
En de synopsis van alles wat vooraf ging in de laatste strofe:
"Well, God is in heaven
And we all want what's his
But power and greed and corruptible seed
Seem to be all that there is.
Het land is verdoemd.
De mens wil zelf God spelen.
Macht, hebzucht en corruptie regeren de wereld.
Wie dacht dat Bob Dylan na drie platen het preken had afgeleerd was duidelijk mis. Hij zit nog steeds te wachten op het einde der tijden.

Een kleine aanpassing
The Band brachten een cover van 'Blind Willie McTell' op hun comeback cd Jericho uit 1993.
Nog eens vier jaar later - veertien jaar na de oorspronkelijke opname - bracht Dylan het nummer voor het eerst live. In een arrangement dat erg leek op dat van The Band. 
"Ik begon het live te spelen omdat ik The Band dat hoorde doen," legde hij later uit.
Een live versie van Dylan, opgenomen op 17 augustus 1997 in Jones Beach, New York verscheen in juni 1998 op cd. Het is een van de bonustracks op een van de twee cd-singles voor 'Love Sick'. Eerder was deze live versie ook al verkrijgbaar als download via Dylan's website. Daarbij werd verkeerdelijk aangegeven dat het zou gaan om een opname uit "Feb 1998".
Opmerkelijk bij deze live versie is de enige tekstverandering. Eén woordje slechts. Iets van niets: in de eerste strofe heeft hij het woordje "New" toegevoegd aan Jerusalem.
Maar wat een verschil!

Waar Jerusalem een bestaande stad in het Midden Oosten is, de bakermat van de Joodse en Christelijke godsdiensten, is New Jerusalem iets heel anders. 
Slaan we er even de Bijbel op na. Uit Openbaringen 21:1-6:
"Ik zag een nieuwe hemel en een nieuwe aarde. De tegenwoordige hemel en de tegenwoordige aarde waren er niet meer; en ook de zee was verdwenen. Ik zag de heilige stad, een nieuw Jeruzalem, van God uit de hemel naar beneden komen. Zij zag er feestelijk uit, als een bruid die op haar bruidegom wacht. Ik hoorde een luide stem uit de troon zeggen: "Gods huis staat nu bij de mensen. Hij zal bij hen wonen. Zij zullen Zijn volk zijn en Hij zal Zelf bij hen zijn. Hij zal alle tranen van hun ogen afwissen en er zal geen dood meer zijn.Van verdriet, rouw en pijn zal geen sprake meer zijn. Dat hoorde allemaal bij de oude wereld en die is voorgoed voorbij".
Nieuw  Jeruzalem is dus de nieuwe stad waar God zal komen wonen na het einde der tijden. En over die stad vertelt hij ons: "This land is condemned / All the way from New Orleans / To New Jerusalem."
Met een klap laat hij ons dus weten: zelfs na het einde der tijden blijft de mensheid verdoemd. Zelfs wanneer alles is vergeven, zal de herinnering blijven.
Door te verwijzen naar een nummer dat past in een cyclus van begrafenisrituelen suggereert Dylan dat het einde van de wereld niet ver meer is.
Geen troost
En niemand kan ons daarbij troost brengen. Want in 'Blind Willie McTell' betreurt Bob Dylan tegelijk het gemis van de blueszanger met die naam, als de wetenschap dat er niemand is die zijn rol kan verder zetten.
Sommigen zien nochtans Dylan zelf in die rol.
Het is dan ook ironisch dat hij vindt dat hij net dat nummer geen recht kan doen.
In het boekje bij The Bootleg Series licht John Bauldie toe dat Dylan tot twee keer toe uitlegde waarom hij het nummer niet wou uitbrengen.
"Ik vond dat ik het niet juist had opgenomen," vertelde hij aan Kurt Lodger van Rolling Stone. En later tegen Adrian Deevoy van Q: " Het kwam gewoon nooit goed. Het ontwikkelde zich nooit zoals het zich had moeten ontwikkelen."
Of zegt hij eigenlijk dat hij niet de rol van de troostbrengende blueszanger op zich wil nemen? 
Dat hij niet wil dat die rol hem wordt opgedrongen?
"Wat mij betreft zijn er geen regels."

 
Bob Dylan - live in 2003
Tenzij hij met Jerusalem dat dorje in de buurt van New York, met zijn met 4500 inwoners, bedoelt natuurlijk. En dan is New Jerusalem een staje in Californië.

14-05-08

Stagger Lee - deel 2

decoration


Stack A Lee

Op World Gone Wrong brengt Bob Dylan een andere klassieke Amerikaanse murderballad, in de aard van 'Frankie And Albert'.
Er zijn vele gelijkenissen tussen beide songs. Zo zijn ze allebei gebaseerd op een waar gebeurd drama dat plaats vond rond dezelfde tijd, in dezelfde omgeving: de jaren negentig van de 19de eeuw, in de rosse buurt van St Louis.
Beide songs stammen uit de periode van voor het ontstaan van de blues, groeiden uit tot klassiekers in het genre en werden later geadapteerd in verschillende versies, zowel door zwarte als door blanke artiesten. In zowat alle genres: van rauwe blues van Ma Rainey, instrumentale jazz van Sidney Bechet, Duke Ellington en Cab Calloway, coctailjazz van Peggy Lee, folk van Sonny Terry en Woody Guthrie, disco van Neil Diamond, funk van James Brown, Wilson Pickett tot punk van The Clash en rap van Nick Cave.
En dan hebben we het nog niet gehad over Huey Lewis and the News!
 

En net als 'Frankie' is ook hier weer vrij omgesprongen met de namen: 'Stagolee', 'Stack Lee', 'Stagger Lee' of ' Stack & Billy'...


De oorsprong

Het verhaal is dus gebaseerd op een echte moord, zoals we kunnen terugvinden in de St. Louis Globe Democrat van 28 december 1895.

"William Lyons, 25, kleuring, een dijkenbouwer, wonende te 1410 Morgan Street, werd gisteren omstreeks 10 uur 's avonds in de buik geschoten in de saloon van Bill Curtis, op de hoek van de Eleventh en Morgan Streets, door Lee Sheldon, eveneens kleurling. Sheldon is koetsier en woon op 911 North Twelfth Street. Hij is ook gekend als 'Stag' Lee."

Op het ogenblik van de schietpartij zat de saloon vol negers.
Beide partijen hadden, schijnbaar, gedronken en waren uitbundig.
Lyons en Sheldon waren vrienden en zaten te praten. De discussie belandde bij de politiek en ze kregen ruzie. Daarbij rukte Lyons Shaledon's hoed van diens hoofd. Deze laatste eiste zijn hoed terug. Lyons weigerde, Sheldon greep zijn revolver en schoot Lyons in de buik.
Toen zijn slachtoffer op de grond viel nam Sheldon zijn hoed uit de hand van de gewonde man en stapte onverstoord weg.

Lyons werd naar de ziekenboeg gebracht, waar werd vastgesteld dat de kwetsuur ernstig was. Hij werd dan overgebracht naar het City Hospital.
Sheldon werd aangehouden en opgesloten in het politiekantoor van Chestnut Street."

Tot zover het krantenbericht. Uit latere berichten blijkt dat Billy Lyons overleed aan zijn verwonding. Stag Lee kwam voor de rechter. Een eerste rechtszitting liep vast in politiek gekrakeel.
Bij een nieuwe rechtszitting werd hij veroordeeld. Hij vloog naar de gevangenis en overleed er in 1919, aan TBC.

 

De legende


Al kort na de moord begon de song zijn tocht over het Amerikaanse continent.

Zoals gebruikelijk werd erg vrij omgesprongen met het verhaal. Al bleef de kern steeds behouden: rond Kerstmis ruziën twee mannen over een hoed en de ene schiet de andere dood. Verder gebeurde er echter van alles mee:  details werden toegevoegd, veranderd, door elkaar gehaspeld en geactualiseerd.

Vooral omwille van zijn koele houding is de figuur van de moordenaar in Amerika uitgegroeid tot een legendarisch figuur. Hij werd ooit omschreven als "zo slecht dat de duivel hem de toegang zou ontzeggen tot de hel".

De schrijver Julius Lester drukt het nog kleurrijker uit in zijn Black Folktales: "Stagolee was, zonder enige twijfel, de slechtste nikker die ooit heeft geleefd. Stagolee was zo slecht dat de vliegen in de zomer niet rond zijn kop wilden vliegen en in de winter viel er geen sneeuw op zijn huis."

Cecil Brown, auteur van het boek Stagolee Shot Billy (2003) betoogt zelfs dat Stag Lee het archetype is van de moderne rapper. Een stoere zwarte vent, koele kerel, hip gekleed, potent, niet vies van geweld en met minachting voor de blanke autoriteiten.
Stijl is alles voor hem: hij schrikt er niet voor teug om te moorden voor een hoed.

Brown ziet het nummer daarom zelfs als "de moeder van alle rapsongs".

 

Mississippi John Hurt

De eerste versie werd in 1911 gepubliceerd door de folklorist Guy B Johnson in het prestigieuze Journal of American Folklore.

De meest legendarische versie is ongetwijfeld die van Mississippi John Hurt. Zijn versie werd voor het eerst op band gezet in 1928.

Hij voegde twee dingen toe aan de legende. Hij specificeerde dat de hoed waar het allemaal om draait een Stetson was. Dat voegt klasse toe en roept beelden op van het Wilde Westen.
Bovendien opende hij de song met de woorden "Police officer, how can it be? / You can 'rest everybody but cruel Stack O' Lee." Waarmee hij de man nog wat heroïscher maakt door te stellen dat zelfs de politie schrik heeft van hem.


Introductie:

Stagolee was a bad man. Ah...they goes down in the coal mine one night, robbed a coal mine. They's gamblin' down there, and they placed themselves just like they wanted to be, so they wouldn't hit each other when they was shootin'. Money lyin' all over the floor. There's one bad guy down there, he thought he was, that was Billy Lyons. So he had a big .44 laying down by the side of him; when they got placed why, Stagolee spoke to him, he says, boys, look at the money lyin' there on the floor. What'll we do if old Stagolee and them was to walk up in here? This guy picked up his .44, and he says: It wouldn't make a bit of difference, says, Stag's gun won't shoot a bit harder than this one. 'bout that time, stag knocked his hat off. and his partner, takin' care of the rest, when he knocked his hat off, he kinda remembered that was Stagolee, and he commenced beggin' like this:

Police officer, how can it be,
you can arrest everybody but cruel stagolee?
that bad man, oh cruel stagolee.
Stagolee, stagolee, please don't take my life
says i got two little baby and a darling lovin' wife
he's a bad man, oh cruel Stagolee.
Here' the answer Stagolee gave him:
What do i care 'bout your two little babies, darling loving wife?
says you done stole my stetson hat, i'm bound to take your life.
it's a magic hat, oh cruel Stagolee.
Boom boom, boom boom, went the .44
when i spied poor Billy Lyons,
he was lyin' down on the floor.
that bad man, oh cruel Stagolee
Gentlemen of the jury, what do you think of that?
Stagolee killed Billy Lyons, 'bout a $5 stetson hat
that bad man, oh cruel Stagolee
Standin' on the gallows, Stagolee did curse
the judge said let's kill him, before he kills one of us
he's a bad man, that old Stagolee.
Standin' on the gallows, his head was way up high
at 12:00 they killed him, they was all glad to see him die.
that bad man, oh cruel Stagolee
Policin' officer, how can it be
you can arrest everybody but cruel stagolee
that bad man, oh cruel stagolee.


Van blues, over R&B...

Met zo een tekst en zo een figuur is het geen wonder dat iedere bluesman (of -vrouw) zijn versie van de song heeft opgenomen: Jesse Fuller, Mississippi John Hurt, Furry Lewis, Mississippi Slim, Ma Rainey....
In de jaren dertig en veertig verzamelden de folkloristen John Lomax en zijn zoon zeker een dozijn verschillende opnamen van de song. De song bleek erg populair onder de klanten van de diverse gevangenissen. 
De meestal zwarte gevangenen zingen graag over Stagolee en de duivel. Want de duivel is blank!


Het nummer werd het rocktijdperk ingeloodst door ene Leon T. Gross, zanger uit New Orleans. Onder de naam Archibald bracht hij in april 1950 'Stack-A-Lee' (parts I & II). Het singeltje, in de stijl van singer Professor Longhair, brengt het verhaal over twee kanten uitgesmeerd. Het werd een top 10 hit op de rhythm & blues lijsten. 

Een stadsgenoot van Archibald, Lloyd Price, had korte tijd later veel succes op de plaatselijke R&B markt. Maar zijn carrière werd afgebroken toen hij zijn legerdienst moest gaan vervullen in Korea. Gelukkig voor hem moicht hij dat doen als entertainer van de tropen op de bases in Korea en Japan. Als onderdeel van zijn act bracht hij een eigen versie van de song. "Er waren honderden tekstregels voor het oude nummer, maar er was geen verhaal. Dus maakte ik er een toneelstukje van. Een paar soldaten speelden dat voor, terwijl ik het zong."

Na zijn legerdienst trok Lloyd naar Washington, D.C. Zijn eerste single, 'Just Because', bracht hem onmiddellijk terug in de hitlijsten. Als opvolger dacht hij aan zijn toneelstukje.
Hij versnelde het tempo, voegde de aanmoediging "Go Stagger Lee!" toe en verzachtte de boodschap met een blank backingkoortje.
Zijn versie van 'Stagger Lee' sloeg aan - en hoe. Er vlogen tot 200 000 exemplaren per dag de deur uit. Een gegarandeerde nummer 1 hit, in 1959. 

De TV programmatoren zaten met een probleem. Dick Clark vond dat zoveel geweld en bloed niet kon voor het tienerpubliek van zijn "American Bandstand". Lloyd had geen keuze: hij moest een nieuwe, gekuiste versie opnemen, met... een happy end! Stagger Lee en Billy legden hun ruzie bij en sloten terug vriendschap.


In de jaren zestig sloot de beweging voor gelijke rechten Stagolee in zijn armen. Op het hoogtepunt van het Black is Beautiful tijdperk namen zowel James Brown als Wilson Pickett 'Stagolee' op.

Bobby Seale, de leider van de Black Panthers, zag de figuur als voorbeeld voor het verzet van de zwarten tegen de blanken. "Stagolee was de slechtste nikker van de buurt en liet zich door niets of niemand doen."


... via ska naar punk

Zoals zovele R&B hits werd ook dit nummer aangepast voor de Jamaikaanse markt. The Rulers maakten in 1967 hun eigen skaversie van het 'Stagger Lee' verhaal, als "Wrong Emboyo". De zanger, Clive Alphonso, zette er voor het gemak zijn eigen naam onder als auteur.

Dertien jaar later bracht dat serieus wat geld in het laadje toen The Clash zijn versie coverden als 'Wrong 'em Boyo' op hun dubbel-LP London Calling.

En zo zijn we bij de blanke artiesten beland.


De blanke kant

De muziek van de zwarte gemeenschap heeft altijd een grote aantrekkingskracht gehad op de Calvinistische blanke Amerikanen. Traditioneel hebben de Afro-Amerikanen in hun songs altijd veel vrijer  uitdrukking gegeven aan onderdukte emoties, zoals seks en agressie.

De vroegste bekende opnamen van de song dateren uit 1923 en ze zijn gemaakt door twee blanke dansbands: Fred Waring's Pennsylvanians en Frank Westphal and His Orchestra.


Frank Hutchinson

Dylan verwijst in zijn hoesnota's naar de versie van Frank Hutchinson. Hutchison was een blanke mijnwerker, geboren in 1897 in West Virginia en opgebracht in Logan County. Hij werd beïinvloed door zwarte spoorwegarbeiders en een kreupele zwarte uit de heuvels: Bill Hunt. Tegen 1920 had hij een repertoire opgebouwd met weinig gekende oude nummers: rags, blues, traditionele balladen en novelties.

In 1926 nam hij zijn eerste platen op in New York, waarbij hij zichzelf begeleide met een gitaar. Hij had echter een zeer ongewone manier van spelen bedacht: hij legde de gitaar plat op zijn schoot en  streek over de snaren met een mes. Om zijn nek droeg hij daarbij een harmonica in een rekje.

Zijn versie van 'Stackalee' nam hij op 28 januari 1927 op. Tijdens diezelfde sessie nam hij ook een instrumentale versie op, waarbij zijn mondharmonica de taak van de zang overneemt.
De gezongen versie is te vinden als nummer 19 op Volume 1: Ballads van de Anthology of American Folk Music.

Door de depressie moest hij ophouden met spelen en vestigde zich als groentenman in Lake, West Virginia. Over zijn latere leven is alleen nog geweten dat hij in Columbus, Ohio overleed in 1945.


Nick Cave

Ook bij de Australische rocker Nick Cave kon dit nummer niet ontbreken. Hij legde in 1996 een heel eigen interpretatie vast op zijn Murder Ballads.

Cave voegde ze wat regels aan toe die hij vond in een ander blues ballad. "Er is een regel in onze versie die zo gaat: 'I'm the kind of cocksucker that would crawl over 50 good pussies to get to one fat boy's asshole.'
Ik kwam die tegen in een fantastische talking blues van een kerel die zich, in het nummer, voorstelt als Two-time Slim. Ik heb het altijd een fantatsische zin gevonden en dus heb ik hem er in verwerkt."
('De song is Two Time Slim' van Snatch and the Poontangs, uit 1969).

"We namen het op omdat het past in de traditie," vertelt Cave. "Ik hou er van hoe een eenvoudige, haast naieve traditionele murder ballad geleidelijk aan een kapstolk is geworden waaraan de meest walgelijke machismo uitingen kunnen worden opgehangen. Net als Stag Lee zelf, lijken er geen beperkingen op te staan hoe door-en-door gemeen dit nummer kan worden."

Cave verklaarde ooit dat hij de song ziet als zijn ultieme versie van gangster rap. Het gaat over moorden om het moorden - zinloos en genadeloos geweld.

Tijdens live versies durft hij nog wat verder gaan. Zo heeft hij er het soms over hoe de duivel verschijnt voor Stagger Lee na de moord. Stagger Lee schiet dan ook maar de duivel neer.

"In come the devil,
Said, "I've come to take you down,
Mr. Stagger Lee,"
Well those were the last words that the Devil said,
'Cause Stag put four holes in his motherfucking head!"


Beck

In diezelfde periode gebruikte de Amerikaanse zanger Beck Hansen de song dan weer als uitgangspunt voor zijn 'Devils Haircut', op Odelay. In een interview verklaarde hij dat zijn nummer "een erg eenvoudigde metafoor was voor het kwaad van de ijdelheid."

"Ik denk dat we volwassen worden associeren met compromissen maken. Misschien is dat wel de duivel. Dat was het scenario voor 'Devils Hairvut'. Ik stelde me Stagger Lee voor... Ik dacht, hoe zou die kerel er vandaag uitzien?  Ik zag hem als een Lazarus figuur die commentaar geeft op wat er van de mensheid is geworden. Wat zou hij vinden van het materialisme en de hebzucht en idealen van schoonheid en perfectie? Zijn reactie zou zijn: "Waw, dit is compleet geschift!"

Twee jaar eerder had hij ook een cover van de song opgenomen. Beck is altijd al een grote fan geweest van de fingerpicking stijl van Mississippi John Hurt. In maart 1994, vlak voor de Mellow Gold tour, trakteerde hij zichzelf op een bezoekje aan de legendarische Sun studio in Memphis. Hij nam er enkele bluesklassiekers op. De opnamen waren niet bedoeld voor release. Toch gaf hij toestemming om zijn versie van 'Stagolee' uit te brengen. Dat gebeurden in 2003, op Avalon Blues - A Tribute To The Music Of Mississippi John Hurt.

stagger-lee-031

 

Outro

De mythische Stagolee is niet meer weg te denken uit de muziekwereld. Zijn invloed werkt door tot op de dag van vandaag.

De Amerikaanse journalist Greil Marcus vatte het zo samen in zijn boek Mystery Train: Images of America in Rock 'n' Roll Music: "[Stagolee vinden we terug in] de cool en geest van Muddy Waters's ' Rollin' Stone'; Chuck Berry's 'Brown-Eyed Handsome Man'; Wilson Pickett's 'Midnight Mover', Mick Jagger's 'Midnight Rambler'...Toen de eisen van de zwarten voor gelijke rechten harder begonnen te klinken nam [Staggerlee] over. En het was ook Staggerlee die op het scherm verscheen in de jaren zeventig met films als Slaughter, Sweet Sweetback, Superfly."
 

18-04-08

Bob Dylan - Good As I Been To You

bob_dylan_good_as_i_been_to_you

Good As I Been To You

  

Toen Good As I Been To You begin november 1992 werd uitgebracht was dat voor velen een complete verassing. Zijn eerste volledig akoestische plaat sinds Another Side Of Bob Dylan uit 1964 was een collectie folk en blues klassiekers die haast per ongeluk tot stand was gekomen.

Terugkijkend was het echter een logische stap voor Dylan.

 

In het najaar van 1990 waren kort na elkaar aantal dingen gebeurd die een grote invloed zouden hebben op het verdere verloop van Dylan's leven en carrière.

  

Mevrouw Dylan

 

Bob Dylan heeft zijn privéleven altijd goed verborgen weten te houden. Zo staat nog steeds niet vast hoeveel kinderen hij officieel heeft. Jarenlang werd er over gespeculeerd of hij ooit hertrouwd was.

In 2001 lichtte Howard Sounes enkele tipjes van de sluier in de biografie Down the Highway: The Life Of Bob Dylan. Hij onthulde dat Bob Dylan vier jaar getrouwd was geweest met een van zijn Queens Of Rhythm. Dat is het koortje met zwarte gospelzangeressen dat hem steevast begeleide vanaf het einde van de jaren zeventig.

 

Carolyn Dennis was op 31 januari 1986 bevallen van een dochter: Desiree Gabrielle Dennis-Dylan. Bob erkende het meisje als zijn dochter en tekende het geboortecertificaat. Om haar een normale jeugd te kunnen geven besloten haar ouders om haar uit de pers te houden.

Een half jaar later, op 4 juni 1986 trouwden Bob en Carolyn in Los Angeles. Carolyn bleef gewoon mee touren.

 

Wanneer bij de Never-Ending Tour geen behoefte meer was aan backing zangeressen, installeerde Dylan vrouw en kind in een onaanzienlijke voorstad in de vallei van San Francisco. 

 

Maar na een tijdje raakt mevrouw Dylan het beu om altijd alleen te zitten en haar man zo weinig te zien. Op 7 augustus 1990 vraagt ze de ontbinding van het vier jaar oude huwelijk aan, wegens "onoverkomelijke verschillen".

  

Twee nieuwe platen

 

Op 11 september 1990 wordt Under The Red Sky uitgebracht. Het opzet was geweest om een totaal ander geluid te krijgen dan de voorganger, Oh Mercy. Het atmosferische geluid van die plaat droeg onmiskenbaar het stempel van producer Daniel Lanois.

 

De nieuwe plaat was geproducet door David en Don Was en er waren vele gastbijdragen van uiteenlopende mensen als Stevie Ray en Jimmy Vaughan, David Lindley, George Harrison en Elton John.  Daardoor was de plaat niet alleen verassend anders, zowel muzikaal als tekstueel, maar vooral artistiek erg ontgoochelend.

 

Anderhalve maand later volgt Traveling Wilbury's Vol. 3. Ook hiervan is de verkoop een stuk minder dan bij de eerste plaat. Volgens Tom Petty was het ook helemaal niet de bedoeling een commercieel product te maken.

Maar de tegenvallende verkoop van zijn eigen plaat, zowel als deze, maken dat Dylan de lust ontbreekt om nog eigen platen te maken. Het zal zeven jaar duren eer er Dylan nog eens een studioalbum met nieuwe nummers zou uitbrengen.

 

In die tussentijd voltooide hij geen enkele nieuwe compositie meer. Hoewel hij eerder al een paar keer aan writers block had geleden, had dit nog nooit zo lang geduurd.

 

Tegenover Paul Zollo verklaart Dylan op 14 april 1991: "Ooit kwamen de songs met drie vier tegelijk, maar dat is al lang gedaan ... Af en toe komt er nog eens een nummer op mij, als een buldog aan het poortje van de tuin, om te eisen dat ik hem schrijf. Maar de meeste verban ik onmiddellijk uit mijn gedachten. Je vraagt je af of er nog iemand behoefte aan heft om ze te horen. Misschien kom je op een punt waarop je genoeg songs geschreven hebt Laat iemand anders ze maar schrijven."

   

Is er een gitarist in de zaal?

 

In oktober 1990 stapte gitaarmaestro G. E. Smith op. De Amerikaanse tegenhanger van Patrick Riguelle had sinds 7 juni 1988 Dylan's tourband. Dylan zelf beschouwt zijn vertrek als het einde van de Never-Ending Tour.

 

Aan het einde van de Europese zomertournee van 1990 had Dylan Smith voorgesteld om zijn loon van zo'n $10 000 per week wat in te krimpen. Het antwoord was duidelijk: "Nein!"

Smith was wel bereid te blijven tot er een opvolger gevonden was. Dus liet Dylan een aantal gitaristen meespelen tijdens de Amerikaanse herfsttournee. Ze deden een live auditie, als het ware. Tijdens het laatste optreden van de tour liet Dylan zelfs zijn gitaartechnieker meespelen!

 

Bij de aanvang van de volgende tournee was het probleem nog niet opgelost. De gitaartechnieker, Cezar Diaz, probeert het drie nummers lang als enige gitarist, tot Smith hem komt redden. Steve Burton is ingehuurd als slaggitarist. Die voldoet ook niet en wordt vervangen door John Stahealey.

 

Na een aantal optredens in het New Yorkse Beacon Theatre stapt G.E. Smith definitief op. De rest van de tournee ploetert Dylan verder met twee gitaristen, die geen van beiden sologitaar kunnen spelen!

  

I need a shot of... whiskey

 

Tijdens diezelfde tournee wordt ook pijnlijk duidelijk dat Dylan serieus aan de drank is. Hij heeft soms zelfs moeite om zijn microfoon te vinden. Nu had de man altijd al van een glaasje rode wijn gehouden, maar zijn werk had er nooit onder gelden, zoals nu.

 

Het kan hem blijkbaar allemaal niet meer schelen. Kwaliteit is niet meer belangrijk. Bij de repetities voor de volgende tournee in januari 1991 wordt de band bijna helemaal vernieuwd. Enkel de twee slaggitaristen Tony Garnier en Cesar Diaz blijven overgebleven. De drummer Chris Parker is niet eens verwittigd dat hij niet meer welkom is. Hij moet vaststellen dat zijn plaats al is ingenomen door iemand anders: Ian Wallace, die tijdens de '78 World Tour ook al meespeelde.

De totaal onbekende gitarist J. J. Jackson is er bij gehaald om de solo's te spelen. Hij is vooral goedkoop: $ 500 per week.

 

De Never-Ending Tour lijkt steeds meer verbrokkeld te raken: terwijl er in '88 eigenlijk één lange tournee was, waren er drie delen in '89, vijf in '90 en in '91 zes.

Dat geldt trouwens ook voor de concerten zelf: met drie onervaren gitaristen en een leider die in de fles vlucht kan het niet anders of alles verloopt erg chaotisch. Dikwijls zet de zanger bovendien zijn begeleiders met opzet op het verkeerde been, alsof hij zijn eigen optredens wil saboteren. En soms verdwijnt hij gewoon, midden in een nummer, voor een paar minuten in de coulissen.

 

Ian Wallace merkt duidelijk het verschil met de wereldtournee van '78. De verplaatsingen gebeuren per bus en de hotel waarin ze verblijven zijn geen tophotels "Bob had echt een voorliefde voor kleine motelletjes buitenaf. We zaten echt opgesloten in achterafplaatsen."

Dylan vindt slechts twee dingen echt belangrijk aan hotels: ze moeten zijn honden toelaten. En de ramen moeten open kunnen, want hij heeft een hekel aan airco. Voor de rest maakt het hem niet uit: hij komt toch nooit buiten.

 

Het wordt steeds erger. Die zomer drinkt hij cognac alsof het cola is. Hij wordt nors en onredelijk tegen zijn band.

 

Misschien wel Dylans slechtste concert ooit vindt plaats op 17 juni 1991 in Stuttgart, Duitsland. Bij het openingsnummer begint Dylan op harmonica. Dan loopt hij naar de piano, waar hij schijnbaar willekeurige toetsten aanslaat. Hij kijkt voortdurend om zich heen, alsof hij op zoek is naar iets. Na een minuut of vier staat hij terug op en loopt naar zijn gitaar. Na een paar willekeurige aanslagen begint hij te zingen. Het blijkt 'New Morning' te zijn. Er is geen regel bij uit de oorspronkelijke versie.

De rest van het concert is niet beter. Dikwijls lijkt hij zelfs het einde van de zin niet meer te weten.

 

Aan het einde van de zomer besluit hij zijn leven terug in handen te nemen. Hij stopt met drinken.

"Het was belangrijk voor mij dat ik tot op de bodem ging van dat legende gedoe. Dat slaat gewoon nergens op. Wat van belang is, is niet de legende, maar de kunst, het werk. Een mens moet doen waarvoor hij geroepen is om te doen."

  

Terugvechten

 

Het resultaat is onmiddellijk zichtbaar. Tijdens de herfsttournee heeft Bob Dylan het leiderschap terug op zich genomen. Hij doet ook echt zijn best om met gevoel te zingen en harmonica te spelen. En de muzikanten spelen nu eindelijk samen als een echte band. Vooral de nummers van Oh Mercy komen tot leven.

 

Voor de Australische tournee in de lente van 1992 besluit hij de band te versterken met een steelgitarist.

Bucky Baxter vertelt: "Ik speelde bij Steve Earle. We deden een hele tournee als voorprogramma voor Bob. Tijdens een soundcheck was ik wat aan het spelen met G.E. Smith toen Bob me vroeg om mee te doen. Hij vroeg me hem een steel gitaar te bezorgen. Ik kocht er één in Nashville en gaf hem wat lessen.

Toen de tournee voorbij was gaf ik hem mijn telefoonnummer en ik dacht, 'Wel, cool, ik ga meespelen met Dylan!' Maar ik hoorde niks van hem.

Twee jaar later kreeg ik op een maandag een telefoontje van hem: 'Kom morgen, we vertrekken donderdag naar Australië.' En dat was dat."

 

Het versterken van de band met de multi-instrumentalist blijkt een uitstekende keus te zijn. Baxters pedal steel gitaar brengt nieuw leven aan de anders vermoeid klinkende nummers. Dat brengt Dylan er toe oude pareltjes als 'Idiot Wind' aan de set toe te voegen. Ook Dylans hernieuwde interesse in zingen en gitaarspelen komt de kwaliteit ten goede.

   

Valse start

 

Ondertussen wordt de platenmaatschappij ongeduldig. Ze hebben het gebrek aan nieuw materiaal kunnen opvangen met een greep uit de archieven: The Bootleg Series Vol. 1-3. Die boxset met vijf LP's of 3 cd's vol studio outtakes werd goed gesmaakt door zowel critici als het publiek.

 

Maar nu willen ze iets nieuws. Dylan laat de Acme Recording Studio in Chicago boeken voor een periode van twee weken. Als producer doet hij beroep op de veelzijdige gitarist en fiddle player David Bromberg.

 

Zoals hij al eerder deed wanneer hij writers block heeft, legt Dylan zich weer toe op het opnemen van covers.

 

In de zomer van 1990 had Dylan, als tegengewicht voor de rommelige elektrische nummers, een korte akoestisch solo set ingelast. Na een tijdje begon hij daarbij covers te brengen: 'Homeward Bound' van Paul Simon, 'People Putting People Down' van John Prine of een traditional als 'When First Unto This Country'.

 

De set leek erg in de smaak te vallen en tijdens de concerten down under in 1991 bracht Dylan bijna elke dag wel een nieuw nummer. Het ene nog ouder dan het andere: 'Female Rambling Sailor', 'Dolly Dagger', 'Little Maggie', 'Golden Vanity', 'Delia' ...

"Die nummers wurmden zich tussen mijn eigen nummers, denk ik, maar nooit bewust... Het is alsof niemand die nummers ooit had hoeven te schrijven. Ze werden gewoon door gegegeven," verklaarde hij in 1993.

 

Met Brombergs band als begeleiders neemt hij einde mei, begin juni zesentwintig nummers op, haast uitsluitend folk en bluesmateriaal. Enkele titels: 'I'll Rise Again' (trad.), 'Nobody's Fault But Mine' (Blind Willie Johnson), 'Lady From Baltimore' (trad.), 'Polly Vaughan' (trad.) , 'Casey Jones' (trad.), 'Duncan And Brady' (trad.). Daarnaast neemt hij ook enkele composities van David Bromberg zelf op: 'Kaatskill Serenade', 'World Of Fools' en 'Sloppy Drunk'.'

 

Wanneer zijn werk er op zit, moet Dylan weer naar Europa om er een dozijn concerten te gaan geven. Hij laat de banden bij Bromberg achter om ze te mixen.

  

Wat extra opnamen

 

Bij zijn terugkeer naar de Verenigde Staten, laat hij de opnamen naar zijn huis in Malibu brengen om er enkele akoestische tracks aan toe voegen.  In de huisstudio van Point Dume werden gewoon twee microfoons opgesteld: een voor zijn stem en een tweede voor zijn gitaar.

 

Zonder een tekstvel voor zich, schudde Dylan het ene na het andere nummer uit zijn mouw. Britse en Ierse folksongs als 'Froggy Went A-Courtin', 'Blackjack Davey' en 'Arthur McBride',  een bluegrass standard als 'Little Maggie' en bluesnummers als 'Frankie and Albert' of 'Sittin' on Top of the World'.

 

Enkele songs hadden een andere achtergrond, zoals 'Tomorrow Night' (een hitje van best voor Elvis Presley in 1956) en 'Hard Times' van de eerste Amerikaanse songschrijver Stephen Foster.

 

Het zal wel geen toeval zijn dat vrijwel alle nummers gaan over foutgelopen liefdes. "You're gonna quit me, baby, good as I been to you." Inderdaad! Heroïsche liefdesgeschiedenissen, moordende geliefden, verre reizen over zee en een dierenbruiloft. "Muziek die echt is voor mij" noemt hij het. Teruggaand tot de 16de eeuw, of meer recent tot de jaren dertig van de 20ste eeuw!

 

"Het gebeurde toevallig," meende hij in 1993. "Ik had niet veel tijd nodig om deze nummers op te nemen. Die nummers zijn heel belangrijk voor mij. Ze volgen mij al jaren,dus behandelde ik hen alsof het mijn nummers waren, niet als covers. Ik had niet veel tijdig nodig, weet je dit zijn folk songs en die hebben niet veel opsmuk nodig."

 

Misschien vond Dylan deze nieuwe opnamen gewoon beter, of interessanter. Uiteindelijk bleven alle opnamen van de sessies met Bromberg ongebruikt. Noch Dylan, noch Bromberg hebben er ooit een verklaring voor gegeven.

 

Wel wordt er gespeculeerd dat Bromberg voorgesteld had om de opnamen wat meer aan te kleden. Bijvoorbeeld door een gospel koor in te zetten bij 'Rise Again' en 'Nobody's Fault But Mine'. Dylan zou dan moeilijk zijn gaan doen en zelfs de opnamen hebben laten wissen. 

 

Geen van de Acme opnamen is ooit officieel uitgebracht. In de loop der jaren zijn er slechts vier songs van deze sessies opgedoken in het bootlegcicuit: 'Sloppy Drunk', 'Polly Vaughn', 'Kaatskill Serenade' en twee mixen van 'Miss The Mississippi And You'. Vooral dat laatste - een cover van Bill Haley nog wel - is erg goed.

  

Reden tot feesten?

 

De plicht roept alweer. Dylan laat het aan zijn assistente, Debbie Gold, over om de zaak te mixen. Zij krijgt daarvoor zelfs ene credit als producer!

 

De herfsttournee trekt, zoals gebruikelijk, van het noorden naar het zuiden langs de Amerikaanse oostkust. Sommige van deze optredens gelden als de beste van de hele Never-Ending Tour! De band bestaat naast

Bucky Baxter, die zowat alle mogelijke snaarinstrumenten bespeeld, uit slaggitarist John Jackson, bassist Tony Garnier en de drummers Ian Wallace én Winston Watson.

 

Midden in de tournee organiseert Sony/Columbia, lichtelijk over tijd op 16 oktober 1992 "Columbia Records Celebrates The Music Of Bob Dylan" in Madison Square Garden. De drie en een half uur durende show is rechtstreeks te bekijken op betaalnetten in Amerika en Europa.

Een aantal artiesten, waaronder Eric Clapton, George Harrison, Lou Reed, Neil Young en Stevie Wonder brengen een eerbetoon aan de man door één of twee van zijn nummers te brengen, met begeleiding van Booker T and the MG's plus G.E. Smith als "musical director".

 

Er zijn twee uitzonderingen: John Hammond Jr heeft 'I'll Be You Baby Tonight' gerepeteerd, maar vlak voor het optreden staat Kris Kristofferson er op dat hij dat zelf zal brengen. Omdat John Hammond Jr geen ander Dylan nummer kent, brengt die dan maar 'See That My Grave Is Kept Clean' van Jesse Fuller.

 

Sinead O'Connor wordt uitgejouwd omwille van haar recente optreden bij Saturday Night Live, waarbij ze een foto van de paus verscheurde. Uiteindelijk schreeuwt ze a-capella Bob Marley's 'War' en verlaat dan huilend het podium.

 

Elvis Costello had 'Positively 4th Street' moeten doen en Van Morrison 'Just Like A Woman', maar die kwamen geen van beiden opdagen.

 

Dylan bekijkt alles in zijn camper en komt slechts op het einde drie nummers zingen, waaronder 'Song To Woody'.

 

De aanwezigen betaalden $80 tot $150 voor het voorrecht en diegenen die thuis bleven konden voor $19,99 het gebeuren volgen op betaal-TV. Dylan ontving het leeuwendeel van de $ 10 miljoen opbrengst. Niet slecht voor drie nummers.

 

Dat geld komt overigens goed van pas, want op 21 oktober 1992 wordt het huwelijk van Bob en Carolyn wordt officieel ontbonden. Voor de tweede keer kost een scheiding hem een vermogen. Carolyn krijgt een deel van het huis in Port Dune als onderpand tot Bob genoeg contanten heeft om haar te betalen. Ze heeft bovendien recht op de helft van alle nieuwe nummers die Bob tijdens hun huwelijk heeft geregistreerd, een deel van zijn toekomstige royalty's plus alimentatie. Carolyn krijgt ook het huis in Tarzana.

  

Een plaat voor de president

 

Good As I Been To You wordt uitgebracht op de dag dat Bill Clinton wordt verkozen als president: 3 november 1992. De hoes ziet er (met opzet?) uit als een goedkope compilatie van de een of andere oude bluesman - een cd zoals je ze in de GB ziet liggen voor een paar euro.  

 

Aanvankelijk wordt nogal ontgoocheld gereageerd, vooral omdat er geen nieuwe composities van Dylan op staan. Ook werd hier en daar beklemtoond dat Dylan's stem erg was achteruit gegaan, maar vreemd genoeg, past die perfect bij het materiaal. Voor wie wil luisteren blijkt de plaat eigenlijk zeer goed.

 

Maar grunge is de heersende trend in de muziekwereld en een 51ste plaats is dan ook de hoogste notering in de US. In Engeland haalde de plaat wel de top 20.

 

Het heftigst werd echter gereageerd op de vermelding "trad. arr. Dylan" voor alle songs. Dit werd algemeen ongeloof onthaald, omdat het duidelijk onwaar was. Van minstens zeven nummers zijn de auteurs bekend. Bovendien kan van vele nummers zelfs worden gewezen op gelijkaardige arrangementen bij voorgangers. Zijn muziekuitgever kreeg dan ook af te rekenen met een paar processen.

  

Een overblijvertje

 

Op één na werden alle nummers van Point Dume op de cd uitgebracht. Het overblijvende nummer, 'You Belong To Me' werd voorbehouden voor de soundtrack van Oliver Stone's film controversiële film Natural Born Killers.

 

22-02-08

Theme Time Radio Hour cd's

tt.poster.72
Op 26 februari brengen twee labels gelijktijdig een cd uit gebaseerd op Bob Dylan's Theme Time Radio Hour.

De Amerikaanse keten van koffieshops (van het soort waar je dus echt koffie kunt drinken) Starbuck, brengt The Music That Matters To Him. Eerder brachten ze al gelijkaardige compilaties met favoriete muziekjes geselecteerd door mensen als Emmylou Harris en Johnny Cash onder de titel Artist's Choise.

Net als Joni Mitchell en Elvis Costello heeft Bob Dylan alle tracks zelf geselecteerd. De klemtoon ligt dan ook op blues, country, jazz en rhythm and blues zangers die te horen waren op de radio tijdens zijn jeugd in Minnesota.

1. Pee Wee Crayton - Do Unto Others
2. Clancy Eccles - Don't Brag, Don't Boast
3. Stanley Brothers with The Clinch Mountain Boys - The Fields Have Turned Brown
4. Gus Viseur - Flambée Montalbanaise
5. Red Prysock - Hand Clappin'
6. Sol Hoopii & His Novelty Quartette - I Like You
7. Ray Price - I'll Be There (If You Ever Want Me)
8. Stuff Smith & His Onyx Club Boys - I'se A Muggin' (part 1)
9. Charley Jordan - Keep It Clean
10. Junior Wells - Little By Little (I'm Losing You)
11. Patty & The Emblems - Mixed-Up, Shook-Up Girl
12. Gétatchéw Kassa - Tezeta
13. Flaco Jiménez with Toby Torres & José Morante - Victimas De Huracan Beulah
14. Wanda Jackson - I Gotta Know
15. Billy Holiday & Her Orchestra - I Hear Music
16. Junior Parker - Pretty Baby

themetimeradiolow_0

Heel andere koek is een dubbel cd van Ace Records. Op Theme Time Radio Hour With Your Host Bob Dylan staan vijftig nummers die hij liet horen tijdens zijn wekelijkse uurtje op XM. Daarin draait hij favoriete nummers, telkens zond een bepaald thema: auto's, drank, regen... Zijn droge humor, enorme muziekkennis en brede smaak staan garant voor een uitstekend programma.
Deze compilatie werd samengesteld door de producer van de show, Eddie Gorodetsky, in samenspraak met Roger Armstrong van de platenmaatschappij.
Net als in de uitzending staat hier Billie Holiday naast George Jones. Na Aretha Franklin komt The Clash, gevolgd door The White Stripes.

CD 1


1. Turn Your Radio On - Grandpa Jones
2. Papa's On The Housetop - Leroy Carr & Scrapper Blackwell
3. Shortnin' Bread - Paul Chaplain & His Emeralds
4. Seven Nation Army - The White Stripes
5. Gun Fever (Blam Blam Fever) - The Valentines
6. Pistol Packin' Mama - Al Dexter & His Troopers
7. Pistol Packin' Mama - The Hurricanes
8. Homework - Otis Rush
9. He Will Break Your Heart - Jerry Butler
10. Take It Away Lucky - Eddie Noack
11. Buddy, Stay Off The Wine - Betty Hall Jones
12. Tears A Go-Go - Charlie Rich
13. Rich Woman - Li'l Millet & His Creoles
14. Laughin' & Jokin' - Ernie Chaffin
15. Me And My Chauffeur Blues - Memphis Minnie Accompanied By Little Son Joe
16. If I Lose - The Stanley Brothers
17. I Sat And Cried - Jimmy Nelson
18. Beatnik's Wish - Patsy Raye & The Beatniks
19. Devil In His Heart- The Donays
20. Let's Invite Them Over - George Jones & Melba Montgomery
21. Don't Take Ev'rybody To Be Your Friend - Sister Rosetta Tharpe With Sam Price Trio
22. Good Morning Heartache - Billie Holiday
23. Pouring Water On A Drowning Man - James Carr
24. I Drink - Mary Gauthier
25. Mother Earth - Memphis Slim

CD 2

1. Chain Of Fools - Aretha Franklin
2. Walk A Mile In My Shoes - Joe South & The Believers
3. Cry Tough - Alton Ellis & The Flames
4. Tommy Gun - The Clash
5. (Everytime I Hear) That Mellow Saxophone - Roy Montrell
6. Those Dj Shows - Patrice Holloway
7. I Ain't Drunk - Lonnie "The Cat"
8. Eat That Chicken - Charles Mingus
9. Mama, Get Your Hammer - Bobby Peterson Quintet
10. How High The Moon - Slim Gaillard
11. Cool Water - The Sons Of The Pioneers
12. Only A Rose - Geraint Watkins
13. I Walk In My Sleep - Berna-Dean
14. Stars Fell On Alabama - Jack Teagarden's Chicagoans
15. Mama Tried (The Ballad From Killers Three) - Merle Haggard & The Strangers
16. Big Long Slidin' Thing - Dinah Washington
17. Black Coffee - Bobby Darin
18. I'd Rather Drink Muddy Water - The Cats And The Fiddle
19. Ain't Got The Money To Pay For This Drink - George Zimmerman & The Thrills With The Bubber Cyphers Band
20. Bottle And A Bible - The Yayhoos
21. Okie's In The Pokie - Jimmy Patton
22. If You're So Smart, How Come You Ain't Rich? - Louis Jordan
23. Ay Te Dejo En San Antonio (Ranchera) - Santiago Jimenez
24. Mona - Bo Diddley
25. Roadrunner (Twice) - The Modern Lovers

Twee plaatjes om naar uit te kijken.