24-11-08

I'm Your Fan

In de jaren tachtig en negentig was Don Was een veel gevraagd producer. Hij werkte met zowat alle grote namen: van The Rolling Stones, via Brian Wilson en Bob Dylan  tot Elton John. In 1988 was hij in Hollywood aan het werk met Iggy Pop. Als Stooges fan zag hij het als zijn plicht om Iggy terug de stevige rock ‘n’ roll toer te laten opgaan. En dat lukte hem aardig met Brick to Brick.

Tijdens de sessies kwam Leonard Cohen even op bezoek om Don even goedendag te zeggen en eens kennis te maken met de heer Pop  - James Osterberg voor zijn moeder en zijn rijbewijs. De twee leken het goed met mekaar te kunnen vinden. Vooral omdat ze allebei zeer geïnteresseerd waren in aangenaam vrouwelijk gezelschap. Avond na avond wisselden ze hun ervaringen uit, onder het genot van een lekker wijntje of een glas whiskey.

Op een avond kwam de Canadese bard aanzetten met een iets dat hij had opgemerkt in een gratis weekblad, de LA Reader. Daarin stond een contactadvertentie: “Mooi meisje, 23 en waterman, zoekt man met brein van Leonard Cohen en lijf van Iggy Pop, voor mentale èn fysische stimulans. Leeftijd geen probleem.”

Leonard stelde voor om het meisje helemaal uit de bol te laten gaan door samen op de advertentie in te gaan. Al haar verlangens zouden op slag vervuld zijn, zo wist hij.
Pop trok zijn wenkbrauwen even op, maar Leonard legde een beetje bedeesd uit, dat hij de laatste weken geen succes had gehad bij de vrouwtjes. “Laat nooit een kans voorbij gaan, Jim,” zei hij, “zeker niet wanneer iemand verklaart dat je precies bent waarnaar ze op zoek is.”
Jim was graag bereid om zijn nieuwe vriend uit de nood te helpen en hij zette dan ook mee zijn handtekening onder de brief die Leonard had geschreven. 

Een week later waren Iggy en Don de plaat aan het afmixen toen Leonard kwam binnenvallen in de controleruimte. Natuurlijk werd er snel geïnformeerd hoe het was afgelopen met dat grietje van die contactadvertentie. Cohen kreunde eens. “Toen ze begrepen had dat ik echt Leonard Cohen was wou ze alleen maar praten, praten, praten. En ik moest naar die verdomde liedjes van haar luisteren. Ik haat singer-songwriters… en zeker die van het Californische slag.”

 

Iggy Pop met 'Candy' uit Brick By Brick

 

Leonard Cohen met 'I’m Your Man'

10-06-08

Generatieconflict

 decoration

Petje: Nog een jaar of twee drie en dan zijn er geen cd-winkels meer. Dat is passé. Die zijn gewoon niet meer leefbaar.

Bierbuik: Denkt ge? Ik denk van niet. Allee, dat hoop ik toch. Ik zou het spijtig vinden. Voor mij is een echte cd toch iets anders dan zoiets wat ge zelf brandt. Ik heb dat toch veel liever dan die dingskes op uwe computer of een mp3-speler of zoiets. Dat is toch echter.
En ge hebt dan ook een schoon hoeske daarbij en zo. Dat is toch veel chiquer. 

Petje: Beu, voor mij hoeft allemaal niet, hoor. Ik vind het juist allemaal veel gemakkelijker. Een beetje googelen en ik vind alles wat ik wil. Ik haal het binnen, luister een paar keer en als het mij niet aanstaat vliegt het de  prullenbak in. Ander en beter! 

Bierbuik: Maar dat is allemaal zo vluchtig. Vroeger ging een plaat veel langer mee. Dan hoorde ge iets nieuw van Springsteen of zo maanden en maanden lang op de radio. Nu, hoop en al, ene keer of drie en 't is al weer gedaan.
Het gaat veels te rap allemaal, tegenwoordig.
Vroeger moest ge ook echt gaan zoeken naar iets. Van tijd duurde het maanden of zelfs jaren eer ge een bepaalde plaat vond. Ik ging regelmatig naar Maastricht, Luik of Aken, speciaal om daar te gaan kijken in de platenwinkels. En als ik al eens in Amsterdam, Londen of Parijs was, dan zat ik zeker de helft van de tijd in de tweedehandszaken. Want daar had ge het meeste kans om iets speciaals te vinden.
Dah hoorde ge iets van iemand of ge had er iets over gelezen of zo. Ik had altijd lijstjes in mijn zakken zitten met platen die ik wou hebben. Tim Buckley, Nick Drake, Fred Neil, Tim Hardin... Die kon ge niet zomaar overal vinden. Daar moest ge lang naar zoeken.
En na een tijdje kenden al die mannen van die platenwinkels u en die hielden dan van tijd iets op zij, speciaal voor u. "Is dat niks voor u?" vroeg die dan en dan had 'm een plaat van Sandy Denny of zo.
Gelooft ge dat ik er zeker vier jaar over gedaan heb om die drie platen van Nick Drake bijeen te zoeken? 

Petje: Alle jong. Dat is het 'm juist. Tegenwoordig kunt ge dat gewoon bestellen bij Amazon.com of cd-baby of zo.

Bierbuik: Ja, maar dat zoeken was zeker even plezant als het vinden zelf. Als ge dan iets speciaal gevonden had, dan liep ge daar zo mee op straat. En van tijd kwam ge dan iemand tegen die dat ook kende en die sprak u dan aan. Zo van: "waar hebt ge dat gevonden?" 
Zo zijn The Rolling Stones ontstaan. Keith Richards zat op de trein en toen kwam Mick Jagger daar binnen en die had een paar bluesplaten bij: Muddy Waters en Chuck Berry of zo. En dat waren LP's natuurlijk toen. Dat zag ge ten minste. Niet van die klein plastieke dooskes. En zo zijn die twee met elkaar aan de praat geraakt. En daarmee zijn The Rolling Stones begonnen.
Zoiets zou nu niet meer kunnen, denk ik.

Petje: Er zijn anders nu wel meer groepen dan vroeger.

Bierbuik: Ja, veels te veel, denk ik soms. Als ge nu een affiche bekijkt van Torhout-Werchter of zoiets...

Petje: Rock Werchter. Torhout is er al lang niet meer bij.

Bierbuik: Ja, voila, dat bedoel ik.  Vroeger was dat overzichtelijk: de een groep had gedaan, dan ging ge een pintje drinken en tegen dat ge terug waart stond de volgende klaar. Maar nu, ge weet toch niet waart ge naar toe moet. Ze spelen allemaal tegelijk, precies. En trouwens, de  helft van die namen heb ik nog nooit van gehoord.

Petje: Ge moet keuzes maken, he. Uw programma een beetje uitstippelen van te voren. Ge moet met uwen tijd meegaan, he.
Seffens gaat ge nog zeggen dat de klank van die vinylplaten "zoveel warmer" was dan die van de cd's.

Bierbuik: Dat is ook zo. Er zijn er al veel terug van gekomen, van dat digitaal opnemen: Ry Cooder, T-Bone Burnett, Dylan, Neil Young... Allemaal.

Petje: Ja ja, maar ge moet toch toegeven dat cd's een heel stuk gemakkelijker zijn dan vinyl. Als ge een bepaald liedje wilt horen, kunt ge dat gewoon opzetten. En als u iets niet aanstaat slaat ge dat gewoon over. Of als ge een andere volgorde wilt... allemaal geen probleem. Geen geprul met die naald en zo. En ge hoeft zeker niet meer om het kwartier op te staan om die plaat om te draaien.
En in de auto hoeft ge u ook niet meer te behelpen met cassettes. Of vond ge die ook "warmer klinken' misschien. 

Bierbuik: Nee, nee. Cassettekes, pfff... nee dat was prul.
Maar die grote hoezen van die LP's vond ik toch veel schoner. Dikwijls kon ge die dan openklappen. En in die hoes zat dan soms ook nog eens iets speciaals: een sticker, een blad met de teksten of een poster of zo.
En in tweedehands-LP's kwam ge van tijd een bespreking tegen, uit de Humo of, in Holland, uit Oor.
Ik heb zelfs ooit een liefdesbrief gevonden in een oude LP.

Petje: Ja, dat zal wel, maar met een mp3-speler kunt ge overal muziek beluisteren. Op de fiets of in de bus of zo. Dat kon met een LP niet.

Bierbuik: Maar is dat beter? Dat neemt toch ook een deel van de charme weg. Een plaat opzetten dat was zo een beetje een ritueel. Dat had iets. Daar zette ge u voor. Daar luisterde ge naar. En ondertussen bekeek ge de hoes. Dat ge nu overal muziek kunt luisteren maakt het allemaal minder waard, vind ik. Het is zo vluchtig geworden.

Petje: Maar nu kunt ge de groepen ook van te horen beluisteren op MySpace. Als ik iets niet ken ga ik altijd eerst eens kijken op hun homepage en dan kunt ge al een paar dingen beluisteren. Met sommige artiesten hebt ge zelfs rechtstreeks contact. Kunt ge wat commentaar geven.
En de clipkes en zo staan allemaal op YouTube.

Bierbuik: Dat is nog zo iets: er zijn toch geen muziekprogramma's meer op TV. Vroeger had ge iedere zaterdag Rockpalast op Duitsland en iedere week TopPop op Holland. Ik weet nog toen Iggy Pop de boel kwam afbreken. In zijn bloot lijf, viel die de planten aan en die beet daarin en zo.

....